gewoon
Insigne Pionieren
Dit insigne maakt deel uit van het activiteitengebied Uitdagende Scoutingtechnieken.
In dit activiteitengebied doe je activiteiten rondom een techniek, zoals hakken, stoken, kaart en kompas,
routetechnieken, pionieren, zeilen en kamperen. Met dit insigne Pionieren leer je verschillende pionierconstructies te maken en kennis over
materiaal, onderhoud en veiligheid.
Niveau 1
Niveau 2
Niveau 3
Eis 1
Sjorringen en technieken
N1
Niveau 1.
Je beheerst enkele basistechnieken om te kunnen pionieren.
a. Leg de volgende sjorringen, leg uit waarvoor ze worden gebruikt en benoem de voor- en nadelen: kruissjorring, achtvormige sjorring, vorksjorring.
b. Scheer een enkele katrol en een dubbele katrol in.
N2
Niveau 2.
Naast de basistechnieken kun je ook enkele meer geavanceerde technieken toepassen.
a. Leg de volgende sjorringen, leg uit waarvoor ze worden gebruikt en benoem de voor- en nadelen: steigersjorring, slingersjorring, halve kruissjorring, diagonaalsjorring.
b. Scheer een derdehand en een vierloper takel in.
N3
Niveau 3.
Je beheerst enkele specialistische technieken om pionierconstructies te kunnen maken.
a. Leg de volgende sjorringen, leg uit waarvoor ze worden gebruikt en benoem de voor- en nadelen: polypedestra-/klaverbladsjorring, woel- of tourniquetsjorring, Japanse kruissjorring.
b. Bouw een grondanker dat belastbaar is tot 1800 kg.
c. Span een buikschuif of apenbrug met een vierloper tussen twee bomen.
Eis 2
Praktijk
N1
Niveau 1.
Je gaat in het klein aan de slag om te ervaren hoe pionieren werkt.
a. Maak een mini-pionierobject met klein rondhout of satéprikkers.
N2
Niveau 2.
Je brengt het geleerde in de praktijk en gaat een pionierobject maken.
a. Maak (samen met je vaste subgroep) een eenvoudig pionierobject zoals een bank, kampkeuken, vlot, of klimrek.
N3
Niveau 3.
Je beheerst de pioniertechnieken voldoende om een complexe constructie te maken.
a. Werk mee aan de voorbereiding en coördinatie van een complex pionierobject, zoals een JOTA-toren, brug of reuzenrad en maak onder begeleiding van een leider of instructeur een bouw- en/of veiligheidsplan.
Eis 3
Onderhoud en duurzaamheid
N1
Niveau 1.
Hoe duurzamer je met het materiaal omgaat, des te langer het meegaat.
a. Leg uit hoe je hout en touw goed onderhoudt en schoonmaakt.
N2
Niveau 2.
Je weet hoe je duurzaam met je materiaal én met de omgeving omgaat.
a. Controleer hout visueel en op gehoor op slijtage, breuken en houtrot. Leg uit hoe je hout het beste opslaat en wanneer je het wel of niet buiten moet laten liggen.
b. Breng boombescherming aan en leg uit waarom dat belangrijk is.
N3
Niveau 3.
Het duurzaam onderhoud van blokken en katrollen vraagt speciale aandacht.
a. Leg uit hoe je blokken en katrollen op de juiste manier onderhoudt.
Eis 4
Krachten en materiaal
N1
Niveau 1.
Goede kennis over materiaal en vormen helpen je om goed en veilig te kunnen pionieren.
a. Leg uit waarom driehoeken sterker zijn dan vierkanten in een constructie.
b. Benoem de onderdelen van een blok.
N2
Niveau 2.
Met goede materiaalkennis kun je meer soorten materialen gebruiken om te pionieren.
a. Je weet hoe je moet werken met blokken en je weet ook de volgende voorwerpen te herkennen en waarvoor ze worden gebruikt: handtakel, voetblok, klapblok, hondsvot, jijnblok, harpsluiting, d-sluiting, hijsband.
N3
Niveau 3.
Om materialen goed en veilig te kunnen gebruiken moet je weten wat het materiaal aan kan.
a. Leg uit wat breeksterkte en veilige belasting betekenen en geef hiervan eenvoudige rekenvoorbeelden.
b. Leg uit hoe en wanneer je bomen moet tuien.
Eis 5
Veilig bouwen
N1
Niveau 1.
Zoals altijd staat veiligheid voorop.
a. Beschrijf hoe je rekening houdt met je eigen veiligheid bij pionieren en bij het gebruiken van kleine pionierobjecten.
N2
Niveau 2.
Je hebt kennis over veiligheidseisen bij het bouwen van pionierobjecten.
a. Bestudeer de veiligheidsrichtlijnen van Scouting Nederland voor pionierobjecten en leg deze richtlijnen uit in je eigen woorden.
N3
Niveau 3.
Pas verantwoord pionieren toe in je materiaalgebruik en werkwijze.
a. Pas bij het pionieren de regels voor werken op hoogte en ARBO toe.
b. Controleer de staat van het materiaal in je groep en weet wanneer herkeuring nodig is.
c. Zorg dat bouwen en afbreken van hoge constructies veilig gebeurt.